Alomtegenwoordig

Het is jouw versleten groene regenjas
die werkeloos aan de kapstok hangt
iemands stem die ook klinkt als een contrabas
de drentelende kat die naar jouw schoot verlangt

de antieke lamp die het niet meer doet
je had beloofd hem te repareren
de moestuin die je met blote handen hebt omgewroet
de post die men aan jou blijft adresseren

het lege schaakbord waarop je mij soms liet winnen 
het krakende bed waarin ik jou mocht beminnen
het botte mes waarmee ik mij nu soms scheer                                                

Je geur leeft nog altijd in het linnen
al rust jouw lijf hier al lang niet meer
jij komt bij me binnen

Dit gedicht werd genomineerd voor de Willem Wilmink dichtwedstrijd 2021

Kringloop

Leegte overspoelt hem
als een onvoorziene wolkbreuk
op een zachte dag in mei
beide kastdeuren opengeklapt

druppels in verwarmingsbuizen
oorverdovend in de stilte
zij had altijd meer ruimte ingenomen
voor elk seizoen een plankje

nu in stapels op de sprei
een fluweelzachte trui
tegen zijn betraande wang
het diep hemelsblauw van
haar geliefde zijden blouse

de streling van haar linnen
zomerjurk tegen de huid
van een vreemde

onverdraaglijk

een snoekduik in een zee
van haar geuren

de kringloop is morgen
ook weer open