Huidhonger

Er bestaan mieren die bij overstromingen een vlot vormen
in elkaar verstrengeld zeilen ze soms maanden rond
op de lijken van hun opofferingsgezinde soortgenoten
het is tweehonderdveertien dagen geleden dat iemand mij aanraakte

met ingehouden adem, zoals ik deed toen ik een kind was
loop ik met bogen om mensen heen totdat ze in sterretjes oplossen
schurend tegen muren en winkelpuien, balancerend op het randje
van de stoep, rakelings langs het verlangen een hand uit te steken

ouderen verwelken als vergeten veldboeketten
achter broeierig glas, terwijl we toekijken
met halve gezichten kunnen we elkaar niet goed lezen
sterven doen we met schrale handen die tasten

in de leegte leg ik een opgevulde winterhandschoen
op mijn schouder en dans met een overjas
terwijl de radio de nieuwste cijfers verkondigt
lepelen we met gedesinfecteerde vingers pindakaas uit de pot
 
wil er iemand met mij een vlot bouwen
en afdrijven?

Dit gedicht stond in de top 1000 van De Gedichtenwedstrijd

1 reactie

Een reactie plaatsen

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s